Met een tiental betrekkelijk toegankelijke toppen van meer dan 4000 meter is de Atlas hèt paradijs voor trek- en wandeltochten.
In het noorden van het land zijn de paden van de Midden-Atlas ideaal voor liefhebbers van tochten door de bossen. De hoogteverschillen zijn er vrij klein (hoogste top 3326 m), perfect voor voet- en paardrijtochten en tochten per mountainbike. Er zijn tal van bezienswaardigheden, waaronder het nationale park van Ifrane, de Cascades de la Vierge en het cederbos van Aïn Leuh. De hellingen van het "circuit des crêtes" van Bou Iblane en Bounaceur zijn al wat steiler. De Anti-Atlas strekt zich uit naar het zuiden tot in de omgeving van Tafraoute. De stad ligt aan de voet van de hoogste top, de Jbel El Kest (2278 m). Het massief leent zich uitstekend voor voet- en paardrijtochten. De beroemdste routes leiden u door vestigingdorpen en versterkte graanopslagplaatsen of door de amandelvallei.
Azilal is een ideaal basiskamp voor verschillende tochten in de omgeving. Allerlei sportactiviteiten worden hier beoefend. Wildwatersport (canyoning, rafting, kano, …) is mogelijk in de wadi Ahansel en de Assif Melloul. Er zijn vele interessante plaatssen. Aan de noordkant: de vallei van Aït Bouguemez, de watervallen van Ouzoud, de Imi-n-Ifri brug. Aan de zuidkant: de vallei en de bergengtes van Mgoun, het architectonische erfgoed met lemen huizen, de Todra- en de Dadès-kloof. De M'Goun is in 6 dagen te beklimmen (4068m). In dit gebied verrijst de Toubkal berg die met zijn 4167 m de op één na hoogste top van Afrika is (na de Kilimandjaro). Vanuit het dorp Imlil is voor de beklimming naar de top tweeënhalve dag nodig.
Het Atlas-gebergte is de ruggengraat van Marokko, ideaal voor wandeltochten en om de ziel van het land te ontdekken.